woensdag 25 maart 2026

Het sportieve luik van de Ronde van Brugge: sprinten of waaieren

 

Uitgaande van een veilig verlopen tocht van 203 km, overwegend door het biljartvlakke Brugse Ommeland waar de krachtige wind veel vrij spel zal hebben en de homogeniteit van het peloton geen goed zal doen. Met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid wordt het waaieren in plaats van sprinten (tenzij met een gereduceerde eerste groep). Benieuwd of Dylan Groenewegen (foto als winnaar in Koksijde) een overlever is. 



De enigszins beruchte Amsterdammer versierde in Koksijde (vrijdag) en in Roeselare (zondag) een dubbelslag, hij is uit op een hattrick om zijn globaal zegecijfer naar 87 op te drijven. Met zijn speklaagje zal Dylan ook goed bestand zijn tegen de snijdende gevoelstemperaturen. Ik heb het meer voor Tom Crabbe (Flanders-Baloise) en Milan Fretin (Cofidis), niet omdat het landgenoten zijn want chauvinisme is niet aan mij besteed, wel omdat het jonge runners up zijn die de Vlaamse in het internationale peloton.

Er zijn meer andere sollicitanten, aangevoerd door Jasper Philipsen die alvast geen rekening moet houden met Tobias Lund Andresen, de abdicerende Arnaud De Lie (aan wie een massasprint niet besteed is) en Tim Merlier, wel met titelverdediger Juan Sebastián Molano en vooral ook Luke Lamperti (eclatant dagwinnaar in Paris-Nice) niet.

Phil BauhausPavel BittnerVito BraetArvid de KleijnSteffen De SchuyteneerHugo Hofstetter, Emilien JeannièreLaurenz Rex, Edward TheunsSøren Wærenskjold, Max Walscheid,… zijn medekandidaten voor het podium tot de hoogste trede toe. De onterecht niet vermelden mogen mij altijd verrassen.

 

Dat kan een overbodige opsomming zijn omdat de waaiers het allicht anders zullen bepalen tenzij je reduceert welke bolides nog deel zullen uitmaken van de drastisch uitgedunde eerste groep, waaruit het moeilijk zal zijn om de vlucht vooruit te nemen tenzij je Yves Lampaert (die Brugge - De Panne in normale omstandigheden won in 2020) of Florian Vermeersch heet. Wie van de andere vluggere voornoemden kan zich in de uitgedunde voorwacht  handhaven?


Hopen op het veiligste én het beste voor de ronde van Brugge maar daar voortvarend mee koketteren is riskant

 

 

De Ronde van Brugge, what’s in a name?! Zowat 40 jaar geleden zou men gedacht hebben dat men François Lambert, de createur-fantast van de zeepbel ADR, bedoelde. Niet dus, men heeft het over een compacte tocht door het Brugse hinterland.


Hoe anders men het ook wil doen overkomen, het is een almaar schraler alternatief voor de Driedaagse van De Panne - Koksijde waarmee men de nagedachtenis van Bernard Van de Kerckhove, de ware bezieler van de midweekse aanloop naar de Ronde van Vlaanderen, allesbehalve eert. Het is meer een postume straf omdat hij, bij leven en welzijn, trouw aan zichzelf bleef. Wouter Vandenhaute begon met de sloping, die incontournable was om de voorjaarskalender naar zijn autocratische heug te kunnen herschikken maar Bernard VDK gaf geen krimp, enkel zijn gezondheidstoestand kreeg hem in 2015 klein.

 

Anderhalf jaar later vervèlde zijn geesteskind naar Driedaagse De Panne - Brugge en het zou niet de laatste verminking zijn. De laaghartige Vandenhaute haatte Van de Kerckhove toen bijna zo erg als Jacques Coussens (de briljante strateeg van de E3 Saxo Classic Harelbeke) nu.


Vanaf dit jaar is er zowaar de Ronde van Brugge, door eigenaar Golazo initieel bedoeld als een sprintklassieker. Dat is al te voortvarend want de allicht helse weersomstandigheden kunnen de koers metamorfoseren tot een keiharde Flandrien-koers.


Golazo was naar eigen zeggen genoodzaakt om  de Classic Brugge - De Panne, en dus wars van De Moeren, helemaal naar het Brugse te verhuizen omdat die in De Panne meermaals ontsierd werd door zware valpartijen, met als anticlimax de editie 2025 met in de finale meerdere crashes en gigantische averij. En vrolijk werden ze al evenmin van winnaar Juan Sebastián Molano, nochtans een beslagen Colombiaanse coureur van het UAE Team.


Het zijn naar hun zeggen de juiste maatregelen "om horrorcrashes als in De Panne" te anticiperen en via obstakelvrije wegen aan te meren op een veiliger finish in Brugge ter brede Gulden-Vlieslaan, gezamenlijk bedacht door Golazo en Veloclub Panne Sportief in overleg met stad Brugge met veiligheid is topprioriteit. 


Het hypocriete Brugge, waar een stadsgids een GAS-boete opliep omdat er 22 in plaats van de toegelaten 20 toeristen als blinde kippen in zijn zog liepen. Ook voor de veiligheid zeker terwijl het op het voedbol uitkijken is voor betonrot. Flauwtje, flauwtje, flauwtje: wat doe je nu? Deze namiddag zal klein Dirkje alvast gloriëren op het podium.


De veiligheid mag geen middel maar moet een doel zijn en dus hoop ik in de eerste plaats voor de renners maar een beetje minder voor Golazo en zijn gevolg dat er zich van, naar en in Brugge geen zware valpartijen voltrekken want dat krijgen de gedecideerde organisatoren niet uitgelegd.


dinsdag 24 maart 2026

Vrijdag met de nationale selectie in de E3 Saxo Classic van en naar Harelbeke

 

Sander WILLEMS geniet reeds volle erkenning


Sander had een verbluffende winter achter de rug met als kroonjuweel de Belgische titel in de achtervolging. Over de 3  km. was zijn fraaie 3’18” (= 54,545 per uur) drie tellen lager dan die van Sune De Valck. De Assenedenaar verbeterde ook een baanrecord en dat als aanvangende eerstejaars!

Het was al Willems’ dertiende Belgische titel, waarvan vijfmaal op rij in het tijdrijden, de Coopertest van het wielrennen. De acht andere titels werden op de baan behaald. Ter afwisseling zou Sander graag eens een driekleur op de weg veroveren, hij was er driemaal kortbij met de tweede plaats: na Wout (de wegens hartproblemen inmiddels gestopte zoon van Frederik) Veuchelen bij de 12-jarige aspiranten in Hoogstraten 2021, na (de ook reeds onder de radar verdwenen) Mats Deridder bij de 13-jarige aspiranten in Denderleeuw 2022 en na Robrecht Viaene die zich bij de nieuwelingen in Putte-Mechelen 2025 wijselijk uit de voeten gemaakt had.

 

Als neo-junior zou het een stuk minder evident worden, ging Sander realistisch van uit. Een wenkende overstap van Acrog-Tormans naar Team Grenke – Auto Eder (de opleidingsploeg van RedBull-Bora-hansgrohe) kon hij niet laten liggen en een samenwerking met een Spaanse trainer voor gevolg.



8 maart was zijn 17de geboortedag waarop hij knap zevende werd in de Gran Premi Les Franqueses (Sp., 1.1), een boost twee weken vòòr de Guido Reybrouck Classic, waarin hij de stoutste verwachtingen overtrof: op zaterdag een eerste keer op de specifieke fiets (die hij pas drie weken van tevoren ter beschikking had) aan 50,596 km./u. zesde en beste jongere in de tijdrit van 11,4 km. (sportfoto.be – Marc Van Hecke).



’s Anderendaags was hij van groot nut in de putsch van zijn team. Hij reed lek en merkte tijdens zijn snelle terugkeer in de kop van de koers dat Leon Atkins niet al te alert in de achtergrond was verzeild. Sander meldde dat aan zijn Deense kompaan Justin Birkedal en samen gaven ze er een lap op. Atkins keerde niet meer terug in de voorwacht en werd van zijn sokkel gestoten door Justin, die het hele seizoen 2025 als 16-jarige doormaakte maar niettemin de Ronde van Vlaanderen won. Voor zo’n klasbak offerde Sander zich graag op (sportfoto.be – Marc Van Hecke) en dat ging niet eens helemaal ten koste van zichzelf want hij eindigde ondanks krampen in de eerste groep, klom naar de vierde eindplaats en bleef sowieso de beste jongere. 

 

Jo Van Gossum, de klaarkijkende ceo van Crabbé-Dstny die met een andere selectoe La Bernaudeau deed, had mij op vrijdag verwittigd dat Team Grenke - Auto Eder in de Guido Reybrouck alles naar zijn pedalen zou zetten. Het viel zonder dagzege niet helemaal zo uit maar het scheelde toch niet veel want naast Birkedal en Willems eindigde Enzo (zoon van George) Hincapie eveneens bij de eerste zeven.


Sander Willems is dus helemaal klaar voor wat volgt met als aanhef de zware E3 Saxo Classic, de openingsmanche van de Nations Cup van en naar Harelbeke, waarvoor hij door bondscoach Serge Pauwels nationaal geselecteerd werd met Vic De Smet (Soudal-Quick.Step), Jinze Joris (Acrog-Tormans), Mathieu Levaque (R.EV Cycling Team) en Mathis Vandenheede (Soudal-Quick.Step).  

Ook Paris-Roubaix (die Sander maandag met zijn team verkende) is op 12 april een voornaam doelwit voor Willems en wellicht ook voor de vijf anderen.

 

maandag 23 maart 2026

GP Jean-Pierre Monseré in Roeselare, 

de eerste interclub van de nieuwelingen 

 

Rhys VANCOM verschalkt 

letterlijk Stan JAMMAER

 

Ik had hem bijna tussen de schaduwfavorieten gezet maar deed het tenslotte niet in de veronderstelling dat er enkele Vlamingen hem de zegepas zouden afsnijden. Niet dus want Rhys Vancom wisselde het rollenpatroon, hij verschalkte Finn Boes (5de), Miel Heuninck (3de) en Stan Jammaer (2de) in de eerste interclub van het jaar die in Roeselare aan een fraaie moyenne 43,45 km. werd afgehaspeld.



Ik heb Vancom dus duidelijk onderschat. Hij kwam vorig jaar al geregeld in Vlaanderen piepen en flankeerde Miel Heuninck en Sander Vansweevelt op het podium van de Weg Motion Drives in Denderhoutem.

Rhys veerde op bij de 14-jarige aspiranten en behoorde, qua resultaten tot de betere subtop: wegkampioen en vice-kampioen tijdrijden van de FCWB (stuivertje wisselen met zijn kompaan Noah Rensonnet) plus overwinningen in vier schraalbezette koersjes onder de taalgrens. Hij besefte dat hij het over een Vlaamsere boeg moest gooien om zichzelf te verbeteren. Hij nipte ervan tijdens het Antwerpse weekend, waarin hij drie opeenvolgende negende plaatsen behaalde en dat deed deugd in de aanloop naar de nieuwelingen.



Rhys Vancom verkeert in bloedvorm. Hij won vorige zondag ook al in Pommeroeul, waar hij onder anderen Thibaut Marcelis afhield. Rhys woont in Blegny (provincie Luxembourg) maakt deel uit van Velo Club Ardennes, net als Alan (zoon van autoverkoper Philippe) Gilbert en Noah Rensonnet.

 

De vrijwel onklopbare Bomenaar bij de 14-jarige aspiranten had als neo-nieuweling nogal wat affiniteit met de lagere podiumplaatsen: 2de in het Vermarc Project, 3de in de "Prins" van Bonheiden, in het BK te Putte en in de GP Roger Baguet in Parike, … Het is geen verwijt maar een vaststelling en trouwens door te verliezen leer je winnen, wat Stan in 2025 trouwens meermaals deed, onder meer de dubbele Antwerpse titel en de Ardennenkoers van Couvin.

 

In Roeselare werd het niettemin een enigszins pijnlijke nederlaag. Sebastian Deprée, een hardrijder pur sang die bij de 12-jarige aspiranten in 2023 BK tijdrijden werd, leidde zijn kompaan langdurig in en riep hem al op vijfhonderd meter van de finish een go toe. Stan leek met verbazend gemak te winnen maar juichte te vroeg en werd nog door de klaarkijkende Vancom alsnog voorbijgejumpt, al kwam de fotofinish er aan te pas om dat vast te stellen. 

Stan is zichzelf dus een revanche verschuldigd en die zit er al aan te komen volgend weekend in de nationale tijdrit van Borlo, waarin hij als eerstejaars derde werd na Sander Willems en Tristan Depoorter, die inmiddels naar de junioren zijn overgestapt. Er is evenwel nog altijd iets als de vorm of de meforme van de dag. Daarna volgen nog meer koersen die Stan uitstekend liggen als daar onder meer zijn: de GP de Rochefort en Herman Vanspringels Diamond (de eerste twee manches der Topcompetitie) met tussendoor de nationale tijdrit van Poperinge, waarna (alover de Kemmelberg) de Katjeskoers van Ieper, de Ronde van Vlaanderen van en naar Oudenaarde, … waarin hij vooral te maken krijgt met onder anderen Miel Heuninck, die hem in de pittige heuvelkoers van Sint-Maria-Lierde te vlug af was.

 

Lars Villers werd in Roeselare mooi achtste terwijl zijn frère-ennemi Lex Lambrecht helaas ziek moest afzeggen. 

Ook Robin Desmarets (vierde) en Lars Vandenborne (zesde) waren in de Rodenbachstede goed aan zet

Robin Dooms probeerde als gebruikelijk het ijzer met de blote handen te breken maar de milde weersomstandigheden waren voor hem geen bondgenoot, zelfs de Gitsberg was hem van geen nut. Koersen dan maar om zijn vormpeil op te lijsten in functie van zijn wedstrijden die er nu aan komen en waarin hij één-tweetjes kan uitvoeren met zijn clubgenoot Miel Heuninck. Vooral in de Vlaamse en bovenal in de Waalse Ardennen kan hij explosief uithalen. 


Damme’s Guido Reybrouck Classic is weer enkele ambassadeurs rijker

 

Deen Julius BIRKEDAL verdrong 

Leon ATKINS in chaotisch slot

 

De Brit Leon Atkins heeft tenslotte toch niet gehaald voor de eindzege. Een late split door een valpartij in het peloton kostte hem 20”, een meervoud van het tijdsverschil dat hij in de tijdrit had bijeengeraasd zodat hij in het eindklassement terugviel naar de achtste plaats. Julius Birkedal, de topfavoriet, nam het voortouw over, gevolgd door zijn landgenoot Malthe Risbjerg. De Pool Maksymilian Matyasik werd de derde man op het eindpodium (foto Marc Van Hecke) waarop een Vlaming dus ontbrak, wat het internationaal karakter van deze topkoers onderstreept. 



Eerstejaars Sander Willems haalde de vierde plaats en (zoals Atkins vorig jaar) als beste jongere op het podium geroepen. Ook de Noor Sindre Orholm-Lønseth, de Pool Mikolaj Legiec en de Amerikaan Enzo (zoon van George) Hincapie klommen twee rangen omdat de Zwitser Antoine Salamin terugviel naar de vijftiende eindplaats. Toch denk ik dat Atkins niet ongelukkig Damme verliet. Hij weet dat hij tot ’s werelds beste tijdrijders van bouwjaar 2008 behoort en dat is een knipoog naar de medailles van de internationale kampioenschappen.

De 19de Guido Reybrouck Classic werd een gigantische voltreffer. Guido was monter aanwezig in het gezelschap van de inmiddels 85-jarige Martin Van den Bossche met de ook al bijna 81-jarige Willy Vekemans (winnaar van vooral de Omloop Het Volk 1967 en van Gent-Wevelgem 1969, dat jaar derde in Paris-Roubaix). 



Het weer was te mild om de koers te doen openspatten met een massasprint (foto Marc Van Hecke) als aangekondigde kroniek voor gevolg. Door een late valpartij sprintte slechts een gereduceerd peloton voor het podium. Daan Wilmsen, de tweede van Nokere Koerse die hier een week geleden uitvoerig belicht werd, haalde het daarin en werd ook de eindwinnaar van de rushes. Ik wist dat hij rap was maar niet dat hij zo rap is. Diens vroege voorjaar kan al niet meer stuk but we ain’t seen nothing yet. Benieuwd wat hij vrijdag voor mekaar krijgt van en naar Harelbeke, waar een massasprint in totaal andere omstandigheden quasi uitgesloten is, maar ook dat zal geen beletsel zijn voor de Olense allrounder om een spraakmakende uitslag te behalen.


En volk dat er was met het schitterende lenteweer als magneet maar anders zou de belangstelling ook op peil zijn geweest. De combinatie met de prelude voor nieuwelingen was ook een uitstekende zaak voor de horeca, die woensdag opnieuw kan scoren ter gelegenheid van de doortochten van de van en naar Brugge, pardon de … Ronde van Brugge. Wie zouden ze met dat laatste bedoelen?

 

zondag 22 maart 2026

Vorig jaar al negende en beste jongere

 

Brit Leon ATKINS wint minder 

out of the blue dan eerst gedacht

 

De Brit Leon Atkins heeft gisteren met relatief groot verschil de 11,4 km. van de Guido Reybrouck Classic gewonnen. De Deense topfavoriet Julius Birkedal (Team Grenke - Auto Eder) en de Zwitser Antoine Salamin (JEGG-Skil-DJR) waren de enigen die geen tien seconden prijsgaven. Vanaf de vierde waren het er dat zelfs vijftien en (veel) meer.


Leon Atkins editie 2026.

Hamvraag is of Atkins zijn leiderstrui vandaag kan behouden. Ik vrees van niet want zijn team Cams Majaco lijkt niet sterk genoeg maar dat dacht ik ook van Atkins zelf. Het staat bij voorbaat dat zijn stelling het felst zal bestookt worden door Team Grenke - Auto Eder dat behalve Birkedal nog vier vertegenwoordigers telt bij de eerste dertien en zij zullen deze namiddag aanvalslustig zijn net als JEGG-Skil-DJR, Soudal-Quick.Step, Cannibal B Victorious en Decathlon. Amper één Vlaming eindigde bij de eerste tien: eerstejaars Sander Willems, mooi zesde op 16”.


Leon Atkins editie 2025.

Toch is Atkins minder out of the blue dan eerst gedacht. Vorig jaar eindigde hij in de Reybrouck al achtste in de tijdrit die hij gisteren won, werd negende in het eindklassement en als als beste jongere op het podium geroepen. Tijdens het vervolg van het seizoen was hij om ongekende oorzaken niet meer spraakmakend tot de slotdag, wanneer hij knap zesde en beste eerstejaars werd in de Chrono des Nations (Fr.). Hij kwam toen uit voor Fensham Howes - Mas Design - Cams, geleid door de papa van Tom Pidcock. Dat Leon nu voor Cams rijdt is dus geen overstap maar een sponsorswissel. 

Sander Willems, beste eerstejaars.

Het werd een zonovergoten tijdrit van hoog niveau in de nabijheid van de Damse vaart. De eerste drie haalden een moyenne van om en bij de 51 en de eerste zestien (beduidend) meer dan 50 per uur. Er was een heel bangelijk moment toen de Zwitser Dennis Flückiger in de laatste kilometer uitschoof en pardoes in de gracht plofte. Hij kermde van de pijn, er was eventjes paniek maar eens bekomen van de schok krabbelde hij recht en spoedde zich richting aankomst en werd 126ste en hield nog twintig anderen achter zich.Vraag is of hij dat op adrenaline realiseerde en of er na afloop geen breik(en) werden vastgesteld want het was een smak van jewelste.


zaterdag 21 maart 2026

In 2024 eindwinnaar der Guido Reybrouck Classic en gisteren 2de in Youngster Coast Challenge

Louis CHALEIL dan toch géén vluchtige passant maar wel een zoveelste referentie?

 

Louis Chaleil hield in de Guido Reybrouck Classic 2024 dankzij een betere tijdrit zeven seconden over op Aldo Taillieu, die in de zondagrit tevergeefs alles op alles zette om de Fransman alsnog van zijn sokkel te stoten. Het was een gunstig voorteken van de Fransman, die zes maanden later op dezelfde concept de Keizer in Koksijde won, niettegenstaande hij in de tijdrit van Wulpen door de Deen Carl Emil Just Pedersen (-4”) geklopt werd.


Louis Chaleil als winnaar van de tijdrit der Guido Reybrouck Classic.

Louis gedijt op Vlaamse grond, mocht je dan al zeggen. Tussendoor reed hij een onderhoudend seizoen dat hij afsloot met een elfde plaats op het WK tijdrijden en een vierde in de Chrono des Nations. Zijn debuut bij de beloften liep niet van een leien dakje, een derde plaats in de Frans kampioenschap tijdrijden was zijn enige noemenswaardig resultaat.


Eliot Boulet wist dat hij Louis Chaleil moest volgens om in Koksijde de Youngster Coast Challenge te winnen.

Die unieke podiumplaats heeft hij (Groupama) gisteren al verbeterd in de Youngster Coast Challenge te Koksijde, in een sprint met elf moest hij enkel voor zijn een half jaar jongere landgenoot Eliott Boulet (Decathlon) wijken. Die had een maand eerder al twee dagzeges behaald in de Plages Vendéénnes. Als junior was hij, qua uitslagen, de duidelijk de mindere van Chaleil. Toch werd Boulet opmerkelijk in 2024 tweede in het Frans kampioenschap tijdrijden met slechts drie seconden meer dan Paul Seixas. In 2025 viel Boulet terug naar de vijfde plaats met rum driekwart minuut meer dan Arthur Blaise. Ook Chaleil (-37”) deed in La Tour-du-Pin aanzienlijk beter.

Eliott Boulet en Louis Chaleil zijn, voorlopig in de schaduw van Paul Seixas, de zoveelste veelbelovende youngsters du cyclisme français, van wie er nogal wat na een tijdje niet meer beter worden.