donderdag 1 oktober 2026

Het megatalent dat zichzelf veronachtzaamde

 

Brandon McNULTY: eerste zege in 2026 maar geen one hit wonder!

 

 

Een countrylover en een atypische Amerikaan, dat is Brandon McNulty ten voeten uit maar bovenal: wat een coureur die behoedzame keuzes maakte waarmee hij zichzelf tekortdeed maar waarvoor hij tot en met gewaardeerd werd. Hij zal er wel een betere verloning aan overhouden toch. Dat hij het ijzer maar smeedt terwijl het gloeiend heet is. Over naar jou, Mauro Gianetti.

Tien jaar geleden zat er voor McNulty meer aan te komen dan er inmiddels uitgekomen is. In 2015 won Brandon als 17-jarige vroeg op het jaar de tijdrit van de Valley of the Sun waarin hij, met een beperkt verzet, nogal wat eliterenners overtrof. Toen ze zijn vermogen nakeken, dachten ze dat de powermeter het begeven had, toch niet dus.

Dat zette de toon voor veel meer: zege in de tijdrit en eindoverwinning in de Course de la Paix (met Tadej Pogačar op de achtste en Felix Gall op de elfde plaats), zege in de tijdrit en vierde in de Driedaagse van Axel, Amerikaans kampioen tijdrijden, twee dagzeges en tweede (na Adrien Costa) in de Tour de l’Albitibi (Can.), derde (na de totaal onbekend gebleven Duitser Leo Appelt en Adrien Costa die er als prof ook amper wat van bakte) op het WK tijdrijden in Richmond.

Veel beter kon het in 2016 worden en toch werd het dat met als kroonstuk de wereldtitel tijdrijden in Doha (vòòr de Deen Mikkel Bjerg, die als belofte in die discipline een loepzuivere hattrick zou scoren. Daar ging opnieuw aardig wat aan vooraf: zege in de tijdrit en zevende in de Tour du Pays du Vaud, zege in de tijdrit en eindoverwinning in de Trofeo Karlsberg, idem dito in de Tour de l’Alibitibi. 

En toch kwam hij, net als onder anderen Sepp Kuss, als belofte karig terecht bij het continentale Rally Cycling, waar hij enkel als tijdrijder verder ontbolsterde: tweede (na Bjerg) in het WK in Bergen 2017, terugval naar de zevende plaats in Innsbruck 2018 maar heropgestaan als derde in Harrogate 2019. Dat laatste jaar werd hij in de lente negende in de Tour of Oman en zelfs dag- en eindwinnaar in de Giro di Sicilia. Pas vijf maanden later stak hij weer de kop op als zevende in de Tour Poitou-Charentes. Wellicht heeft die onregelmatige prestatiecurve hem doen twijfelen en was hij wat blij om in 2020 door het UAE Team Emirates te worden gesolliciteerd te worden om er zich te koesteren in hun rijke buik.

Dankbaar stelde hij zich onvoorwaardelijk ten dienste van kansrijkere kompanen, inzonderheid Tadej Pogačar. Toch bleef er ook ruimte voor eigen successen met als highlights een dagzege in Paris-Nice 2022, de Giro 2023 en (de openingstijdrit in) de Vuelta 2024 met tussendoor eindzeges in korte rittenkoersen als de Volta Valenciana 2024, de Cro Race 2024 en 2025, Tour de Pologne 2025, de Tour de Luxembourg 2025.

De Tour 2026 werd een breekpunt voor McNulty. Eerst werd hij vòòr de tijdrit door een auto aangereden en twee dagen later moest hij ziek opgeven. Zijn achtste grote ronde was de eerste niet kon voltooien. Niet in het minst was er de GP Montréal 2025 die Tadej Pogačar hem betekenisvol cadeau deed en met wie hij minstens een dikke munuut van de anderen was weggereden.  Ex-mountainbiker McNulty blijkt volgens één en ander geen accidentele wereldkampioen.

 

Brandon kwam met USA Cycling het vak leren in Vlaanderen. Als nieuweling werd hij in juli 2014 te Kerniel tweede na Julius Johansen. Als neo-junior won hij in mei 2015 in Wijer en het jaar daarop in Kerkom. Hij verwijst nog steeds graag naar die even zalige als nuttige tijd, die hij omschreef als the foudation,toen al in het gezelschap van Matteo Jorgenson. 

 

Uiteraard was die opmars ook Patrick Lefevere en Johan Molly niet ontgaan. Ze wilden ook graag in het shirt van Quick.Step om Specialized te flatteren met een Amerikaan in de ploeg als uithangbord voor de Amerikaanse markt maar het bod van UAE Team Emirates was hors categorie. De States werden 33 jaar na Lance Armstrong beloond met de regenboogtrui, een fikse boost voor het American Cycling om onder meer de Tour of California te laten heropstarten in de World Tour.

 

Meteen na zijn exploot kreeg Brandon felicitaties van Tadej himself die hem prompt promoveerde tot The King of Montréal. McNulty mocht er in 2025 winnen van Pogačar, toen ze samen vooropreden. Dit jaar werd Brandon er, zonder Tadej aan zijn zijde, derde. 

Toch zal het bij McNulty nooit opkomen om zijn leider naar de kroon te steken. Verwacht u eerder aan het beeld van de drager van de regenboogtrui die zich onder meer in de Tour uitslooft voor zijn kansrijkere kopman, die hem af en toe wel zal aanporren om zijn eigen kans te gaan. 


woensdag 30 september 2026

 Als mosterd na de maaltijd, als vijgen na Pasen

Eveneens op één namiddag: ach 

het kampioenschap van Europa

 

Hip-hip-hoera, we hebben een nieuwe kampioen van de wereld: de niet al te welluidende naam Brandon McNulty, een 28-jarige Amerikaan, niet moeders mooiste (ik trouwens ook niet) maar wel een heel verdienstelijke subtopper. Pertinent dat het zijn allereerste overwinning van 2026 is die hem meteen tot (althans nominaal) kampioen van de wereld kroont in opvolging van zijn dagdageliijkse leider Tadej Pogačar die geamuseerd zal hebben toegezien de regenboogtrui in de UAE-familie bleef.

 

Het was dus weer zover: het WK wielrennen, het ver-ma-le-dijde kampioenschap van de wereld dat in ruim zes uur tijd bepaalt wie de mooiste wielertrui grijpt en zowat 360 dagen mag dragen

Brandon zal alvast géén one hit wonder zijn zoals wel Hans Knecht (1946), Theo Middelkamp (1947), Heinz Müller (1953), Harm Ottenbros (1969), … The big Mac hoort eerder thuis in de opsomming Rudy Dhaenens (1990), Luc Leblanc (1994), Laurent Brochard (1997), Oscar Camenzind (1998), Romans Vainsteins (2000), Igor Astarloa (2003), Rui Costa (2013), … 

Onderwijl ziet het er almaar sterker naar uit dat na (in alfabetische orde) Jacques Anquetil, Franco Bitossi, Roger De Vlaeminck, Miguel Indurain, Laurent Jalabert, Sean Kelly, Hugo Koblet, Miguel Poblet, Raymond Poulidor, Herman Vanspringel, Erik Zabel,...  ook de intussen 36-jarige Michael Matthews en bovenal de inmiddels 34-jarige Wout van Aert nooit tot kampioen van de wereld zullen worden uitgeroepen, hoezeer zij dat ook verdienen en een career achievement award een meer dan gepast alternatief zou zijn.

 

De ondraaglijke lichtheid van het wereld-kam-pioen-schap, het is een oud zeer waarover ik nog even langdurig als tevergeefs zal zeuren. Hoe ouder ik word, hoe meer ik er mij aan erger dat deze stuitende onlogica in stand wordt gehouden. In een ideale(re) wereld zou men dit epitheton moeten afvoeren en vervangen door GP des Nations of Nations Cup als klapstuk van het internationale seizoen. De fonkelende regenboogtrui komt enkel de beste van het hele seizoen toe en wie zou daT voor de zoveelste keer op een rij geweest zijn, denk je?

 

De regenboogtrui na één nanoen uitreiken: welke a-typische nerd heeft dàt ooit bedacht en welke navolgers houden deze quitte ou double (een bizarre exclusiviteit van het wielrennen) in stand? De schatbewaarder van de UCI toch waarnaar de dagdagelijkse teamsponsors zich gratis “moeten” schikken. In 2032 opteren de bonzen van Aigle zowaar voor godbetert Pune in het naar verluidt wielergekke India, de snelst groeiende economie van de wereld dat er een fortuin zal voor over hebben en waarvoor de UCI zich aangesproken voelt. 

Het wielrennen gelijkt almaar meer op het vermaldedijde maar zoveel beter gestructureerde voedbol. Hoe dat David Lappartient er nog niet aan gedacht heeft om zich helemaal kaal te laten scheren om beter op de vervloekte Gianni Infantino te gelijken? Als ik le beau vain David maar niet op dat idee heb gebracht, toch niet dus.

Door de pseudo-kampioenschappen is ook de Union Européenne de Cyclisme almaar meer door aangestoken. Tien jaar geleden werd een Europees kampioenschap in het leven geroepen met een weinig fascinerende trui als beloning. Hoe dat men er (sic) nog niet aan gedacht heeft om ook een West-Europees kampioenschap en een kampioenschap van de Lage Landen te organiseren?! Als ik hen nu maar niet op ideeën heb gebracht …

En nu wenkt het kampioenschap van Europa, per definitie zonder de niet-Europeanen maar ook zonder onder de autochtonen Tom Pidcock, Paul Seixas, Wout van Aert, Mathieu van der Poel, Jonas Vingegaard, Jarno Widar, … en bovenal zonder gastheer Tadej Pogačar  Remco Evenepoel is er wel bij om vooral de laatste witte vlek op zijn tabel kampioenschappen in te kleuren en die daarom aan de reeds gewonnen tijdrit verzaakt.

"Wie doet hem wat?”, is na vorige zondag in Montréal een riskante vraag maar met een betere vorm van de dag op een gewenst traject in Ljubljana is hij de absolute favoriet.  

zaterdag 26 september 2026

Guido Reybrouck Classic 

heeft er nog een ambassadeur bij

 

Ashlin BARRY ook in onze regio géén unknown soldier 

Dylan Groenewegen (2010), Taco van der Hoorn (2011), Jasper Philipsen (2016), Remco Evenepoel (2018), Samuel Watson (2019), Vlad Van Mechelen (2022) en Hector Alvarez (2024) zijn de illustere winnaars de Guido Reybrouck Classic. In 2023 waren het er dat zelfs drie: Sente Sentjens (tijdrit), Steffen De Schuyteneer (wegrit) en bovenal de Brit Matthew Brennan (eindzege). 

Het zijn stuk voor stuk ambassadeurs voor de topkoers in Damme. In 2025 won Michiel Mouris er de wegrit en zes maanden later in Kigali (Rwanda) het WK tijdrijden maar vorig jaar werd hij in de Damse tijdrit nipt (+2”) geklopt door Vos Coleman, die inmiddels helemaal onder de radar verdwenen is. 


Geklopt worden in de Damse tijdrit, zo ook Ashlin Barry op 23 maart 2025 (foto). De Brit Dylan Sage deed over de 11,4 km één seconde minder maar bracht er als neo-belofte nog niets van terecht, in schril contrast met de Amerikaan van Visma - Lease a Bike, die reeds als 18-jarige gensters sloeg bij de u23: dagzege in Olympia’s Tour, 12de in Paris-Roubaix, 5de in de Kattekoers rond Ieper, rond Ieper, wegkampioen u23 der Verenigde Staten en ’s anderendaags vierde in dat van de profs. But: we ain’t seen nothing yet want als klap op de vuurpijl won hij zowaar op zijn 19de geboortedag in Montréal de WK wegrit, vier dagen nadat hij er vierde werd in de tijdrit.     

Zelfs als nieuweling was Ashlin in Vlaanderen géén unknown soldier. Eind juli 2023 kwam hij als nieuweling luid piepen. Hij won binnen de zes dagen in Brakel-Elst, Sint-Maria-Lierde en Voortkapel. Zijn vierde koers, de prelude van het naTourcriterium in Roeselare, liet hij aan zijn onbekend gebleven landgenoot Peyton Burckel.

Vijf dagen na de Guido Reybrouck Classic 2024 werd Ashlin Barry tweede in de E3 Harelbeke na de Wit-Rus Mikita Babovich, die zes maanden later ook de Keizer van Koksijde won.  

De steile opmars van Ashlin Barry deed vele monden openvallen. Vooral de lengte van en de manier waarop hij in Montréal de wegrit van het WK naar zijn pedalen zette was spraakmakend. Karl Vannieuwkerke en José De Cauwer evalueerden het onverkort als één van de strafste prestaties waarop ze in de loop der tijden mochten toezien.

Niels Driesen was er minder lyrisch over en vroeg zich luidop af of het kabinetstuk wel louter op menselijk kunnen gestoeld was. Hij en Hector Alvarez (Sp.), Matteo Scalco (It.), Aubin Sparfel (Fr.) en Jesper Stiansen (Noor) gaven het volle pond om de Amerikaan, die 120 km in de aanval reed, in te rekenen maar ze verloren integendeel seconde na seconde verloor en tenslotte een kleine minuut. Toch een beetje onbedacht van Niels om zoiets gratuit te beweren.  

Ashlins Canadese papa Michael (°1975) heeft, zoals meer tijdgenoten, weliswaar een niet onbezoedeld verleden. Hij werd meegesleurd in de Armstrong-saga en deel uitmakend van US Postal 2003, Discovery 2004 en 2005 en die jaren geschrapt uit nogal wat uitslagen. Zijn dagzege in de Giro 2009 bleef wel intact.

Zijn Amerikaanse mama “Dede” Desmet, een oorspronkelijkse schaatsster, veroverde vooral zilver in de Olympische tijdrit van Athene 2004. 


donderdag 24 september 2026

From Rollercoaster to Delirium

 

Kwikzilveren Vic DE SMET 

is de nieuwe kroonprins 

van het Vlaamse wielrennen

 

Net in de top vijf was het hoogste dat ik van Vic De Smet (Lokeren) verwachtte op het WK tijdrijden u19. Zelf was hij niet ontevreden geweest met een top tien maar hij zou er alles aan doen om er véél méér uit te halen: de top vijf die het podium werd op amper zes seconden van de hoogste trede, ingenomen door Benjamin Noval. 

Geen absolute verrassing want Vics uitslagen tegen de klok in eigen land waren op punt: negende in die van de Guido Reybrouck Classic, tweede in die der Ster van Zuid-Limburg (op nog géén volle seconde van Lars Franken maar duidelijk vòòr hoger ingeschatte coryfeeën als Enzo Hincapie, Simon Defrance, Karel Herzog, Daniel Kuběna,…), winnaar van de nationale tijdrit in Borlo, knap tweede in het loodzware BK te Maarkedal waar hij over de 25,8 km driekwart minuut (hetzij 1,74” per km) meer deed dan – who else?! - Seff Van Kerckhove. In Montréal zou het verschil niet zo hoog opgelopen zijn en dus zou Benjamin Noval daar op het podium door Seff en Vic in de tang zijn genomen.


In de buitenlandse tijdritten verging het Vic ook meer dan goed maar toch niet van aard om hem in Montréal op dat podium te verwachten zoals wel in de met hoogtemeters bezwangerde wegritten met winst in de Giro di Primavera (It.) en Liège-Bastogne-Liège (27 jaar na Frank Vandenbroucke veroverde hij La Redoute). 

Ook als klassementsrenner viel Vic allesbehalve uit de toon met eindwinst in de Boucles de l’Oise en ereplaatsen in de Penn Ar Bed (zesde), de Tour du Pays de Vaud (vijfde), de Vuelta al Besaya (vierde), de Ain Bugey Valromey Tour (elfde), Aubel-Thimister-Stavelot (vijfde), de GP Rüebliland (vierde) en de Giro della Lunigiana (derde), de meeste keren opgelijst met een spraakmakende dagzege.  

Met de tweede plaats in het WK tijdrijden daarbovenop levert één en ander hem de afgetekende pole position op in de UCI-ranking u19 (1500 punten meer dan de onfortuinlijke Seff Van Kerckhove) and maybe we ain’t seen nothing yet want vandaag is er de WK wegrit, waarin alles kàn maar nog niets moet want vergis u niet: we hebben het hier over een 16-17-jarige op wie nog veel rek zit want nog niet helemaal ontloken maar dit jaar reeds tien overwinningen (slechts vier in eigen land) en in 36 van zijn 43 koersen top tien.

 

Het is amper vier jaar geleden dat ik Vic op 27 mei 2022 in Waregem met ruime voorsprong zijn allereerste overwinning zag behalen bij de aspiranten. Diezelfde zonovergoten zaterdag maakte ik kennis met de toffe familie Meul die met zoonlief Louisook een raspaardje in huis heeft.

 

Wat Vic De Smet allemaal te beurt valt lijkt zo vanzelfsprekend maar is het hoegenaamd niet, je mag het zelfs over een rollercoaster hebben. Covid-19 dwarsboomde in 2020 zijn grote plannen in het voetbal (Sporting Lokeren, AA Gent, SK Beveren) en deed hem schakelen naar de bestofte koersfiets. In zijn nieuwe omgeving schoot hij als een komeet omhoog tot een knie in 2023 met het frictiesyndroom te maken kreeg en net niet tot wanhoop dreef maar zijn mentale veerkracht haalde de bovenhand vanaf de zomervakantie 2024.

Van dan mocht het dak er af en zie waarnaar dat leidde: Vic treedt op de korte erelijst in de voetsporen van de 32 maanden minder jonge Paul Seixas. Veel meer moet nog volgen en dat zal ook wel maar le nouveau Seixas n’est pas encore arrivé, dat beseft De Smet beter dan wie ook.

 

In een ideaal Vlaams scenario te Montréal had Seff Van Kerckhove op dinsdag de tijdrit gewonnen en deed hij er twee dagen later alles aan om Vic De Smet aan de regenboogtrui van de wegrit te helpen. Vic, van het bouwjaar 2009 zijnde, zou de mooiste trui vrijwel het hele seizoen 2027 kunnen showen wat hem een extra motief zou geven om zijn tweede campagne als junior niet als een verplicht nummer te ervaren.

 

En ja de pas op 7 oktober 18 jaar wordende Benjamin Noval reed in 2026 al tegen de beloften en behaalde zelfs enkele overwinningen. Vanaf 2027 maakt hij zelfs deel uit van ruime World Tour - kern van Netcompany Ineos. Soudal-Quick.Step zal met Vic De Smet tot nader order geen stappen overslaan. Vic zal dus, naar het idee van zijn wijze ouders, zijn termijn als u19 helemaal uitdoen en al zeker indien hij acht jaar na Remco Evenepoel vandaag die regenboogtrui zou veroveren. Een warm nest als dat van Soudal-Quick.Step primeert dus op een meervoud aan kille euro’s. 

Bezie in dat verband maar wat Juan Ayuso, het vorige Spaanse prodigio, dit seizoen overkwam: op zijn 24ste vertoont hij al de eerste tekenen van metaalmoeheid want enkel in de Algarve gewonnen en in de Tour diep onder de verwachtingen gebleven. Kan ook het nare lot worden van de gehaaste Benjamin Noval en waarvoor men Vic De Smet dus wil behoeden. Er zijn trouwens ook z'n studies wetenschappen-wiskunde aan de Campus Sint-Laurentius in Lokeren, waarbij hij enkele faciliteiten geniet. Na zijn middelbaar verder studeren zou gaan in de richting van kinesitherapie.

 

SK Beveren als zijn ex-ploeg citeren brengt ons naadloos bij Greg Van Avermaet die voor zijn illustere jonge streekgenoot al ruime interesse liet blijken en heimelijk hoopt op enkele gezamenlijke trainingstochtjes.


dinsdag 22 september 2026

Het werd voor Remco EVENEPOEL een unieke vierslager maar Jacques ANQUETIL blijft Maître Chrono boven eender wie!

 

Niet Jeannie Longo, niet Tony Martin noch Michael Rogers en al evenmin Fabian Cancellara slaagden erin vier opeenvolgende wereldtitels tijdrijden te behalen. Martin scoorde er drie op rij tot hij in 2014 op een superieure Bradley Wiggins stootte. Longo bleef ook steken op een loepzuivere hattrick vanaf 1995. Cancellara skipte in 2008 het WK tijdrijden enkele weken nadat hij zijn eerste van twee olympische titels in de discipline behaald had. De twee jaren ervoor en de twee erna zou de Zwitser wel zegevieren op het WK en zich daarmee de titel van beste tijdrijder ooit toeëigenen. Wablief: de zelfverklaarde Spartacus de beste tijdrijder ooit?! Nooit van Jacques Anquetil gehoord zeker?! Wat dat betreft reikt Fabian (ook als persoon) nog niet aan de enkels van Jacques. Die won tussen 1953 en 1966 negenmaal de GP des Nations, het officieuze WK tijdrijden dat meestal meer om het lijf had dan het huidige officiële, opgelijst met een regenboogtrui die Anquetil als Career Achievement Award meervoudig postuum toekwam. Jacques begon ermee in 1953 op 19-jarige leeftijd. Een hap van 140,3 km dat ook de volgende twee jaren volgehouden werd met dezelfde triomfator. Vanaf 1956 werd gemilderd naar 100 km maar het kon niet verhinderen dat Anquetil ook de volgende drie ingekorte edities won. Dat waren er dus ZES op een rij. 1958 en 1959 waren sabbatjaren maar in 1961 was hij terug voor zijn ultieme triomf, daar ging men toch van uit. Dat was zonder de waard (inmiddels dertiger) gerekend die in 1965 en 1966 heropstond. De afstand was ingekort naar 73,7 en 72 km maar al evenmin werd de Normandiër in verlegenheid gebracht. 

Hij deed over 966,6 km (de totaalafstand van zijn negen overwinningen) 25 uur en 4 minuten. En wie hij door die jaren heen allemaal met groot verschil klopte was nog spraakmakender, ik hou het bij Ercole Baldini (+3’10” in 1956), Gilbert Desmet (+9’07” in 1961), Rudi Altig (+3’09” in 1965), Raymond Poulidor (+4’58” in 1965), … De ultieme in 1966 was een absoluut kabinetstuk: Felice Gimondi op 1’51”, Eddy Merckx op 3’07”, Roger Pingeonop 3’18”, Raymond Poulidor (die tien jaar later nog derde zou worden in de Tour) op 3’53”, … 

Anquetil won ook zeven keer de GP de Lugano, over ruim 75 km de Zwitserse versie van de GP des Nations, waarin hij nog meer coryfeeën aftroefde (Pasquale Fornara en Ferdi Kübler in 1953 en 1954; Gilbert Desmet, Nino Defilippis, Miguel Poblet, Fred De Bruyne in 1958; Ercole Baldini en Fausto Coppi in 1959; Ercole Baldini en Rolf Graf in 1960 en 1961; Gianni Motta en Ferdinand Bracke in 1965).

Anquetil won ook 17 tijdritten (11 in de Tour, 6 in de Giro) in de grote ronden op een totaal van ruim 60 overwinningen in individuele tijdritten, zowat de helft van zijn globaal aantal overwinningen als contractrenner.

Remco Evenepoel zal hem globaal niet naar de kroon kunnen steken want deze competities bestaan niet meer en deze die dat wel deden zijn sterk verminderd en drastisch ingekort. Daarom is het not done om hem uit te roepen tot de beste tijdrijder ooit. Dat is even gratuit als beweren dat Tadej Pogačar beter is dan Eddy Merckx was.   

 

Remco is uiteraard wel de allerbeste tijdrijder van de modernste wielertijden waarin aerodynamica en technisch rijvermogen incontournable zijn. Anquetil had die faciliteiten niet nodig. Die reed steevast in het midden van de lange weg waarop enkel zijn benen en pedalen bewogen. Bij leven en welzijn zou Anquetil een bewonderaar van Evenepoel geweest zijn, wees daar maar zeker van.

Tenslotte is er nog het Werelduurrecord dat Anquetil tweemaal op zijn naam bracht: op 19 juni 1956 met 46,159 km, op 27 september 1967 met 47,493 km, maar nièt gehomologeerd omdat Jacques principieel weigerde naar de medische controle te gaan.

 

Voor Remco Evenepoel is dit objectief nog niet aan de orde maar hem een beetje kennende mag je er met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheidvanuitgaan dat hij het ooit aanvalt éN spraakmakend op zijn naam brengt. Wie op een licht geaccidenteerd traject als dat van Montréal een kleine minuut minder doet dan de regérende werelduurrecordhouder Filippo Ganna door gedurende drie kwartier een uurgemiddelde van 52,4 km te halen mag in staat geacht worden om op een hindernisvrije baan ruim vier km toe te voegen aan de verbluffende 56,792 km die Filippo Ganna per 8 oktober 2022 realiseerde op de wielerbaan van Grenchen (Zwits.).

 

En tenslotte riskeer ik mij hieraan: ik vond de fiets en de houding van Jacques Anquetil toen veel esthetischer dan het huidige vehikel van Remco Evenepoel. Ik betwijfel zelfs of de controversiële Normandiër zich ooit op dergelijk monstertuig zou begeven hebben. 


 Morgen woensdag:

Juniores in TEMPLEUVE

 

 

Om te voorkomen dat er even weinig starters (amper 27) zijn als veertien dagen geleden in Ploegsteert deze aankondiging.

Cycling Vlaanderen veronachtzaamt zich nog steeds de aangename plicht ontziet om de regionale koersen onder de taalgrens aan te kondigen doe ik het graag bij deze.

Inschrijvingen van 13u30 tot 14u40: Café Le Central, rue de Tournai - start om 15u voor 85,8 km (11 ronden van 7,8 km)

Contact: Vincent Delrue (0472 / 29 51 75 – vincent.delrue@hotmail.com)


vrijdag 18 september 2026

Jà én néén …

 

Neo-junior Bas VANDEN EYNDE is in Montréal dé surprise van de chefs Serge en Angelo

 

De tijd dat de nationale selecties werden opgemaakt op basis van aantal overwinningen ligt gelukkig almaar verder achter de rug. Zegestanden zijn geen maatstaf meer want door kwaliteit verdrongen. 

Presteren en op dichte ereplaatsen stranden is de nieuwe hoeksteen, want Serge Pauwels en Angelo Declercq monsteren toegewijd de onderlinge waardeverhoudingen op het terrein. De selectie van Vic De Smet, Seff Van Kerckhove (beiden tijd- én wegrit) en van Sander Willems (wegrit) stond onomkeerbaar vast maar wat met de twee overblijvende plaatsen? Reeds na de Tour du Pays de Vaud (Zwits.) werd dat duidelijk.

Bas Vanden Eynde’s prestatiestaat oogt in vergelijking met nogal wat anderen bescheiden met een matige 35ste plaats in mijn tussentijdse Ranking voor gevolg. Aan Bas’ prestaties lag dat niet want op dat vlak waren er diverse highlights. De eerste zette hij begin juni neer in de pittige Côte d’Or Classic, regio Dijon. In de beide ritten-in-lijn werd hij vierde en met Acrog-Tormans tussendoor tweede in de ploegentijdrit. Bas (derde in de eindstand) werd er als beste eerstejaars gehuldigd, een leerzame ervaring want Bas’ aangename kennismaking met le cyclisme français. 


Bas (foto An Mergaerts), student Sportbegeleiding in site A - Aarschot, is ook in het algemeen léérgierig. Toch maakte hij in de examenperiode tijd vrij voor Romsée-Stavelot-Romsée waarin hij knap vijfde werd. Herbeumont was zijn volgend opstapje naar de Ain Bugey Valromey Tour, waarin hij steevast rond de 20ste plaats mooie dingen zien. Onverdeeld tevreden was hij niet want de eerste twee dagen verliepen niet naar zijn wens maar Bas’ mentale veerkracht deed wonderen en boostte hem aan de vooravond van Aubel-Thimister-Stavelot, waarin hij met genoegen vaststelde dat internationale toppers als Soen Le Pann (Fr.), Seff Van Kerckhove, Karl Herzog (D.), Maj Bohak (Tsjech), Vic De Smet, … niet al te ver (2’18”) van hem (elfde) wegreden.

Eén en ander leverde hem een nationale selectie voor de Giro della Lunigiana op, waarin Bas zich helemaal uitleverde aan zijn kansrijkere landgenoten De Smet en Van Kerckhove. En dat rendeerde, ook voor Ben die met genoemde kopmannen meegaat naar het WK in Montréal.  

Dat wordt zijn ultieme wegkoers van 2026 want voor het EK negen dagen later in Ljubljana (Slov.) werd hij op eigen verzoek niet weerhouden zodat hij zijn focus meteen kan verleggen naar zijn andere passie, het veldrijden waarin hij eveneens een groeizame uitblinker is die in de Vlaamse Druivencross van Overijse, in Namur, de GP Sven Nys in Baal, ... het BK te Beringen het podium haalde en in de Aardbeien-cross van Merksplas op 15 november 2025 zelfs de hoogste trede, misschien wel de mooiste van een respectabel successen die hij tijdens de donkere maanden behaalde. 

De eerste én enige zege op de weg behaalde hij een half jaar eerder als tweedejaarsnieuweling in Geel-Kievermont, waar hij Lenn Daniels, Moos Mevissen (Ned.), Kenzo Vandenabeele en ruim 80 andere starters versloeg.

Winnen op de weg is dus zijn regel niet, uitblinken des te meer en dat beduidt dat in het huidige wielrennen de dampende prestatie meer impact kan hebben dan het kille resultaat. Bas zal het graag meenemen op de lange en almaar boeiender weg die hij nog af te leggen heeft. Met oneindig veel dank aan de bondscoaches Serge Pauwels en Angelo Declercq die verder kijken dan zijn neus lang is.

Misschien is Bas in 2027 op de weg een hoofdrol weggelegd zoals Seff en Vicdit seizoen. Eerst wil hij nog eens het volle pond geven in het veld, waar het meer meevalt om het verschil te maken. Het zou een beetje uniek zijn indien Bas zowel op het weg als in het veld op het WK zou present zijn. L’embarras du choix wil hij, trouw in de gewaden van Acrog-Tormans, nog minstens één jaar uitzingen want nu al kiezen zou zeker verliezen zijn. Zijn twee jaar oudere broer Mats deed het zelfs als neo-belofte niet. Op de weg rijdt hij met bijval (vooral 8ste in de Youngster Coast Classic, 3de in Olympia's Tour, 9de in Paris-Roubaix, de Kattekoers en in het BK)voor het continentale Lidl-Trek Future Racing, in het veld voor Baloise Verzekering - Poetsbureau Lions.