dinsdag 10 maart 2026

Wannes DESCAN verloor de rode trui na een zware val in de slotrit


Voor de start van de slotrit van de Vuelta Costa Blanca werden de drager van de gele en van de rode trui, Thibaut Beckers respectievelijk Wannes Descan, nog in één beeld verenigd. 

Dat zou zich herhaald hebben tijdens de afsluitende ceremonie protocolaire maar helaas: Wannes had de twee restérende tussensprints met overschot overleefd maar werd na een zware val op de schouder tijdens de voorlaatste ronde in Calpe tot opgave gedwongen. Bij zijn thuiskomst werd een sleutelbeenbreuk vastgesteld. 

Murphy lapt je zoiets altijd in een gunstige situatie maar goed er volgen dit seizoen nog veel gelegenheden om zich te rehabilieteren. Samen met sportcoach Dave Maertens zullen Wannes’ programma en de doelstellingen herbekeken worden. De doorzetter in Wannes zal ook hier versterkt uit komen maar daarom moet je het uiteraard nog niet voorhebben toch.

Avia-Rudyco en Isorex deden het 

uitstekend in de Vuelta Costa Blanca 


Omdat men het te gevaarlijk achtte om 190 renners door de smalle straatjes van Altea te jagen werd de openingsrit, naar verluidt de zwaarste van de drie, vervangen door een pittige korte tijdrit (steile klimmetje, vals plat en afdaling), waarin toch cruciale tijdsverschillen werden gemaakt.

Thibaut Beckers, de glunderende Zwitserse eindwinnaar.

Winnaar werd Thibaut Beckers, de Zwitserse (en niet Deense zoals fout gedacht) huurling van Isorex, die met de steun van zijn kompanen zijn gele leiderstrui niet meer in verlegenheid liet brengen. Hij was en bleef de maat der dingen van deze driedaagse. 

Thomas Van Dijk, de hoog opgeschoten veropenbaring.

Naar persoonlijke resultaten waren dat eveneens de verrassende Thor Van Bulck (de winnaar van de slotrit, die een aparte bijdrage krijgt) en de veropenbarende Thomas Van Dijk (die van knaapje naar bink is opgeschoten). De anderen droegen hun steentje bij tot het succes van hun kansrijkere maats. Dat leverde ook de eindzege in het ploegenklassement op.

Avia-Rudyco, vincere insieme.


Thor VAN BULCK wint 588 dagen 

na Berg-Kampenhout dubbel en dik

 

Thor Van Bulck (Boom) had niet de reputatie om van hem te verwachten dat hij de slotrit van de Vuelta Casa Blanca zou winnen. Toch lukte het hem in Calpe aan het Baguet Center. 

De mama heet Saskia Van Looy en dan denk je misschien een dochter van de nog steeds betreurde Frans. Toch niet, maar wel verre familie. Ook de papa heeft niet gekoerst wel gevoetbald.


Thor was tot vòòr zondag een erg bescheiden jonge tiener. Nadat hij op heel jonge leeftijd uitblonk in de BMX (onder meer derde in een BK) koerst hij al vanaf de 12-jarige aspiranten maar een tafelspringer kon je hem allesbehalve noemen. Onzichtbaar was hij ook niet want reeds in 2012 kwam hij in Waarloos dicht bij zijn openingszege maar Jelle Vanhove was hem daar te vlug af. Die eerste overwinning viel hem eind juli 2023 te beurt in Berg-Kampenhout. Enkele weken later werd hij zevende in het BK. Bij de 14-jarigen kon hij de opgaande lijn niet doortrekken. 

Als neo-nieuweling zette hij wel mooie stappen. Winnen was nog steeds zijn regel niet maar uitblinken met ereplaatsen voor gevolg lukte wel en dat volstond om gesolliciteerd te worden door Avia-Rudyco. Die overstap gaf hem een boost van jewelste en zie waarnaar dat leidde, een week nadat hij zijn seizoen had geopend met een vijfde plaats in Rijkevorsel.

De slotrit van de Vuelta Casa Blanca in en rond Calpe draaide uit op een massaspurt. Uitvalspogingen werden in de kiem gesmoord door Avia-Rudyco, dat goed wist waarom ze dat deden. Met Brent Biesbroeck (die brute pech kende in de tweede rit) en Thor Van Bulck kon het op twee vluggerds terugvallen. Thor, de minst beslagene maar rapste van de twee, haalde het van zijn meejuichende kompaan. De overigen stonden figuurlijk niet op de foto. Brent had Thor in de slotfase naar voren geloodst en een Avia-treintje gevormd met het gekende gevolg.

Thor wist met zijn vreugde geen blijf. Zijn vorige (en enige) zege dateerde al van 29 juli 2023 of 588 dagen geleden. De volgende overwinning zal niet zo lang op zich laten wachten, wees daar maar zeker van. 

Hoe gedreven Thor ook is om van het wielrennen ooit een lonend beroep te maken toch moet hij bovenal de focus houden op zijn opleiding TSO electricteit aan het PTS Boom, een STEM school met een uitgebreid aanbod aan technische opleidingen. Daar kan Thor de duurzaamste overwinning te behalen.


maandag 9 maart 2026

Weekend wielerjeugd van 7-8 maart

 

Villers-le-Temple, waar Vlamingen thuis zijn

Zepperen herbeleefde zijn voorjaarse hoogdag

Outrijve moet het zaterdag a.s. met minder doen

 

 

In Vlaanderen was zaterdag 7 maart zowaar een koersvrije dag. In Wallonië waren er daarentegen drie koersen (nieuwelingen, junioren, elite 2 en beloften) in Villers-le-Temple. De wake up call naar de Vlaamse rennes te heeft zijn effect niet gemist, er waren globaal 277 starters. En in Escanaffles startten er 77 vrouwen-elite. 

Overmorgen mag zich men voor de eerste midweek in Templeuve met de GP du Central (elite 2 en beloften) aan een Vlaamse en buitenlandse invasie verwachten.

Indien Franky Van Haesebroucke het had kunnen weten van die voorbije koersvrije zaterdag dan zou hij zijn koers voor junioren van zaterdag 14 maart een week vroeger hebben gedateerd. Dan had hij het Vlaamse rijk voor zich alleen gehad. Vorig jaar had hij op 22 maart niet minder dan 147 deelnemers en nog moest hij er een respectabel aantal wegens overtal de deelname ontzeggen. Dit jaar moet hij de concurrentie dulden van Sint-Maria-Lierde, Nokere Koerse en Budingen waardoor hij op dit ogenblik bijzonder weinig voorinschrijvingen heeft. Voor wie er alsnog graag wil bij zijn in het kort de attraktieve technische gegevens:

79 km. (Elf ronden van 7,2km op een vlak parcours met brede wegen. Vanaf de tweede tot de laatste ronde premie van 10€ voor eerste en 5€ voor tweede renner + 400 euro / 20 prijzen. U: 13:30/14:30/15u. Alle formaliteiten: AD-Technics, Doorniksesteenweg 403, Outrijve. Contact: Franky Van Haesebroucke, Waterhoek 19, Avelgem (0486 94 69 42 - fvanhaes@skynet.be

 

De kalender van zondag 8 maart zat naar eigentijdse normen mudvol met Zepperen als eyecatcher met een regionale koers voor nieuwelingen en een interclub BZ Fruitroute voor zowel junioren als voor elite 2 & u23. Er waren globaal bijna vierhonderd starters!

Alsof zondag 8 maart nog niet druk genoeg was is er in Sint-Jan-Cappel de GP Mont-Noir voor diverse categorieën. Ook dat reduceerde het aantal deelnemers in Vlaanderen.

 Tirreno-Adriatico maakte ROGER meer Italiaan dan Vlaeminck

Roger De Vlaeminck was met zes eindzeges op rij (vanaf 1972) in Tirreno-Adriatico bijna even straf als Sean Kelly met zijn zevenslager in Paris-Nice. Het hadden er voor Roger ook zeven moeten zijn maar in 1979 kreeg hij twee minuten straftijd aangesmeerd omdat hij zich na een bandbreuk op een col had vastgeklampt aan de volgwagen van Lomme Driessens. Roger telde in het eindklassement amper 1’10” meer dan Knut Knudsen. Dat hij in bloedvorm verkeerde, kwam drie dagen later aan het licht in Milano-Sanremo die hij na 1973 en 1979 een derde keer won. 



Roger was in 1972 van het archaïsche Flandria naar het meer professionelere en veel beter betalende Dreher overgestapt. Hij werd een italofiel en in dat verhaal was Tirreno-Adriatico de eerste pijler. Het was alsof men de Tweezeeënkoers speciaal voor hem ontworpen had opdat hij uit Frankrijk (meer bepaald Paris-Nice) zou kunnen wegblijven. Hij was een koele minnaar van la douce France. Paris-Roubaix vormde de uitzondering op die regel.

Ook Francesco Moser was een spilfiguur in de Tweezeeënkoers. Uit dubbel zoveel deelnames als Roger haalde Checco twee eindzeges, twee 2de, drie 3de, één 4de, vier 5de en één 9de plaats. Zijn geheel werd evenwel met slechts vier dagzeges opgelijst. Roger behaalde er vijftien!


Duel Isaac Del Toro - Matteo Jorgenson?  

 

Geen Tadej Pogačar in de 61ste Tirreno-Adriatico. Om mentale moeheid te anticiperen rijdt hij pas eind april met de Tour de Romandie zijn eerste rittenkoers van het seizoen. Zijn afwezigheid zorgt voor meer spankracht,al zal het niet zoveel eenvoudiger zijn om Isaac Del Toro te verslaan. De 22-jarige Mexicaan zette, opgelijst met twee dagzeges, de UAE Tour naar zijn pedalen en was de uitmuntende derde in de Strade Bianche. Hij wordt geëscorteerd door Jan Christen, een verdienstelijke zesde in de Strade Bianche.

Hun voornaamste concurrent wordt Matteo Jorgenson, die in de Strade zesde werd en daardoor van zijn dubbele titel in Paris-Nice geen loepzuivere hattrick kan maken.

Daarachter volgen enkele sterke blokken met Bahrain Victorous (met Pello Bilbao, Santiago Buitrago en Antonio Tiberi) en Red Bull-BORA-hansgrohe voorop. De Duitse formatie pakt op zijn beurt uit met een sterk trio: de inmiddels 36-jarige Primož Roglič (winnaar in 2019 en 2023), Jai Hindley en de 22-jarige Giulio Pellizzari.

Ook Richard Carapaz en Ben Healy (EF Education - EasyPost), Thymen Arensman en Egan Bernal (Ineos) vormen sterke duo’s.

Jammer Lennert Van Eetvelt (Lotto-Intermarché) zwaar viel in de Strade, hij kwam anders (hopelijk alsnog) in aanmerking voor een top tien net als Christian Scaroni (XDS-Astana) en Davide Piganzoli als alternatief voor Vingegaard. Benieuwd hoe dicht Ilan Van Wilder bij de top vijf komt indien hij van brute pech gespaard blijft.

Voor de dagzeges zijn er meer potentiële kandidaten: Filippo Ganna, Tobias Andresen Lund, Paul Magnier, Jonathan Milan, Jasper Philipsen, Laurenz Rex, Michael Storer, Wout van Aert en bovenal Mathieu van der Poel, ... 


zaterdag 7 maart 2026

Irish God in France

King KELLY

primus para siempre Paris-Nice

 

Zéven keer op een rij Paris-Nice winnen: Sean Kelly bewerkstelligde het vanaf 1982. Niemand deed het hem (ook in geen enkele andere koers) voor en niemand zal het hem ooit nog nadoen.

 

Parijs-Nice was er voor het eerst in 1933 met Alfons Schepers als eindwinnaar. De Tweede Wereldoorlog verdreef Paris-Nice tijdens de eerste helft van de jaren veertig. Pas vanaf 1951 stond de Koers naar de Zon steevast op de kalender met een pleiade van ronkende winnaarsnamen, onder wie zeven Belgische: Roger Decock (1951), Raymond Impanis (1954 en 1960), Fred De Bruyne (1956 en 1958), Jef Planckaert (1962), Eddy Merckx (loepzuivere hattrick vanaf 1969), Freddy Maertens (1977) en Frank Vandenbroucke (1998). 

Met vijf overwinningen (1957, 1961, 1963, 1965 en 1966) leek Jacques Anquetil de definitieve primus inter pares te zijn. Dat was gerekend zonder de waard - Sean Kelly, die vanaf 1982 een onnavolgbare zevenslager uitbouwde. De Ier was, na Eddy Merckxle trait d’union tussen ééndagswedstrijden en de rittenkoersen.

Het was een verrassing van formaat dat de bijna 36-jarige Raymond Poulidor in 1972 en in 1973 Eddy Merckx van zijn sokkel stootte. Bernard Sainz, zijn nieuwe mentor, bezorgde hem de impulsen om als rijpe dertiger nog een mooie nazomer aan zijn carrière te breien.

Opmerkelijk dat Bernard Hinault er geen enkele keer in slaagde om Paris-Nice op zijn palmares bij te schrijven, hij bleef steken op de tweede (1978) en de derde (1984) plaats. Voor de Bretoen kwam de Koers naar de Zon en bijgevolg ook Milano-Sanremo te vroeg, in tegenstelling tot voor Laurent Fignon die de Primavera in 1988 en in 1989 won.  

Tweevoudig Tourwinnaar Jonas Vingegaard (die vorig jaar letterlijk uitviel in de vijfde etappe) is de te kloppen man in Parijs-Nice, met Juan Ayusoals grootste uitdager. Benieuwd hoeveel weerwerk DavId Gaudu, Brandon McNulty, Daniel MartinezLenny Martinez, Oscar Onley, Valentin Paret-Peintre, Carlos Rodriguez, Ivan RomeoKévin Vauquelin, …bieden. 

 

Grote afwezige is Matteo Jorgensonde dubbele uittredende winnaar. Aangezien hij na een energieke race negende werd in de Strade Bianche past de Tweezeeënkoers hem beter dan de Koers naar de Zon.

Smaakmaker Mattias Skjelmose moet omwille van een polsletsel verstek geven.


vrijdag 6 maart 2026

Strade Bianche zou dé speeltuin geweest zijn van Roger DE VLAEMINCK 

 

Wie doet POGAčAR wat?

 

Wel onwijs van Tadej om zijn haar te laten verven, was het om te camoufleren of te provoceren? 


De Strade Bianche (°2007) is een bizarre koers die vanaf 2017 een manche van de WorldTour werd.

Op de korte erelijst shinen vooral de namen van Fabian Cancellara (2008, 2012, 2016), Philippe Gilbert (2011), Michal Kwiatkowski (2014, 2017), Zdeněk Štybar (2015), Tiesj Benoot (2018), Julian Alaphilippe (2019), Wout Van Aert (2020), Mathieu van der Poel (2021), Tadej Pogačar (2022, 2024, 2025) en Tom Pidcock (2023).

 

Alaphilippe, Pidcock, Pogačar en van Aert zijn er als ex-winnaars opnieuw bij en torsen, de ene al wat meer dan de andere, een favorietenrol.

Zij mogen vooral weerwerk verwachten van onder anderen (in alfabetische orde) Pello Bilbao, Tibor Del Grosso, Isaac Del Toro, Romain Grégoire, Ben Healy, Tobias Johannessen, Matteo Jorgenson, Valentin Madouas (2de in 2024), Matej Mohorič, Giulio Pellizzari, Paul Seixas, Quinn Simmons, Attila Valter, Florian Vermeersch, Yannis Voisard, Filippo Zana, …  

Indien ik nu nog de aanstaande winnaar en de meeste voornaamste uitblinkers niet vernoemd heb dan mag men het over volslagen verrassingen hebben.

 

Toch durf ik te bedenken dat ze, qua resultaten, met hun allen ruim overtroffen zouden zijn geworden door Roger De Vlaeminck indien deze koers reeds in zijn tijdvak had bestaan. Oh, wat zou Le Gitan zich gejeund hebben op die kruisbestuiving van onverharde wegen en pittige beklimmingen, hij zou in Siena een monument hebben gekregen zoals Tadej er gisteren één kreeg op de Colle Pinzuto. Van de Sloveen zou Roger geen schrik gehad hebben en al zeker niet indien je het hem nu vraag.


 

De Strade is een prachtkoers, maar 

er nu al een monument van maken? 

Beetje serieus blijven hé?!

Een monument dat de koers zelfs na 20 edities nog lang niet toekomt. De kristallen editie gaat er eveneens prat op dat het zijn traditioneel parcours jaar na jaar extra verzwaarde. Dat betekent dat één derde van het traject onverhard is en de stijgingspercentages frequent de dubbele cijfers halen. Zwaar, zwaarder, zwaarst: of hoe een curiosum tot een negatieve sensatie vervelt.

Op deze geforceerde wijze word je géén monument maar deze koers is sowieso nog decennia te jong, te specifiek en niet exclusief genoeg want in deze periode is het WorldTour - peloton opgesplitst in twee groepen: die van Paris-Nice en die van Tirreno-Adriatico (die met de Strade één geheel vormt). Indien men de Strade Bianche tot een monumentale klassieker zou verheven, wat zouden Gent-Wevelgem (°1934), de E3 Harelbeke (°1958), de Amstel Gold Race (°1966) en La Flèche Wallonne (°1936) daarvan vinden?