maandag 23 maart 2026

GP Jean-Pierre Monseré in Roeselare, 

de eerste interclub van de nieuwelingen 

 

Rhys VANCOM verschalkt 

letterlijk Stan JAMMAER

 

Ik had hem bijna tussen de schaduwfavorieten gezet maar deed het tenslotte niet in de veronderstelling dat er enkele Vlamingen hem de zegepas zouden afsnijden. Niet dus want Rhys Vancom wisselde het rollenpatroon, hij verschalkte Finn Boes (5de), Miel Heuninck (3de) en Stan Jammaer (2de) in de eerste interclub van het jaar die in Roeselare aan een fraaie moyenne 43,45 km. werd afgehaspeld.



Ik heb Vancom dus duidelijk onderschat. Hij kwam vorig jaar al geregeld in Vlaanderen piepen en flankeerde Miel Heuninck en Sander Vansweevelt op het podium van de Weg Motion Drives in Denderhoutem.

Rhys veerde op bij de 14-jarige aspiranten en behoorde, qua resultaten tot de betere subtop: wegkampioen en vice-kampioen tijdrijden van de FCWB (stuivertje wisselen met zijn kompaan Noah Rensonnet) plus overwinningen in vier schraalbezette koersjes onder de taalgrens. Hij besefte dat hij het over een Vlaamsere boeg moest gooien om zichzelf te verbeteren. Hij nipte ervan tijdens het Antwerpse weekend, waarin hij drie opeenvolgende negende plaatsen behaalde en dat deed deugd in de aanloop naar de nieuwelingen.



Rhys Vancom verkeert in bloedvorm. Hij won vorige zondag ook al in Pommeroeul, waar hij onder anderen Thibaut Marcelis afhield. Rhys woont in Blegny (provincie Luxembourg) maakt deel uit van Velo Club Ardennes, net als Alan (zoon van autoverkoper Philippe) Gilbert en Noah Rensonnet.

 

De vrijwel onklopbare Bomenaar bij de 14-jarige aspiranten had als neo-nieuweling nogal wat affiniteit met de lagere podiumplaatsen: 2de in het Vermarc Project, 3de in de "Prins" van Bonheiden, in het BK te Putte en in de GP Roger Baguet in Parike, … Het is geen verwijt maar een vaststelling en trouwens door te verliezen leer je winnen, wat Stan in 2025 trouwens meermaals deed, onder meer de dubbele Antwerpse titel en de Ardennenkoers van Couvin.

 

In Roeselare werd het niettemin een enigszins pijnlijke nederlaag. Sebastian Deprée, een hardrijder pur sang die bij de 12-jarige aspiranten in 2023 BK tijdrijden werd, leidde zijn kompaan langdurig in en riep hem al op vijfhonderd meter van de finish een go toe. Stan leek met verbazend gemak te winnen maar juichte te vroeg en werd nog door de klaarkijkende Vancom alsnog voorbijgejumpt, al kwam de fotofinish er aan te pas om dat vast te stellen. 

Stan is zichzelf dus een revanche verschuldigd en die zit er al aan te komen volgend weekend in de nationale tijdrit van Borlo, waarin hij als eerstejaars derde werd na Sander Willems en Tristan Depoorter, die inmiddels naar de junioren zijn overgestapt. Er is evenwel nog altijd iets als de vorm of de meforme van de dag. Daarna volgen nog meer koersen die Stan uitstekend liggen als daar onder meer zijn: de GP de Rochefort en Herman Vanspringels Diamond (de eerste twee manches der Topcompetitie) met tussendoor de nationale tijdrit van Poperinge, waarna (alover de Kemmelberg) de Katjeskoers van Ieper, de Ronde van Vlaanderen van en naar Oudenaarde, … waarin hij vooral te maken krijgt met onder anderen Miel Heuninck, die hem in de pittige heuvelkoers van Sint-Maria-Lierde te vlug af was.

 

Lars Villers werd in Roeselare mooi achtste terwijl zijn frère-ennemi Lex Lambrecht helaas ziek moest afzeggen. 

Ook Robin Desmarets (vierde) en Lars Vandenborne (zesde) waren in de Rodenbachstede goed aan zet

Robin Dooms probeerde als gebruikelijk het ijzer met de blote handen te breken maar de milde weersomstandigheden waren voor hem geen bondgenoot, zelfs de Gitsberg was hem van geen nut. Koersen dan maar om zijn vormpeil op te lijsten in functie van zijn wedstrijden die er nu aan komen en waarin hij één-tweetjes kan uitvoeren met zijn clubgenoot Miel Heuninck. Vooral in de Vlaamse en bovenal in de Waalse Ardennen kan hij explosief uithalen. 


Damme’s Guido Reybrouck Classic is weer enkele ambassadeurs rijker

 

Deen Julius BIRKEDAL verdrong 

Leon ATKINS in chaotisch slot

 

De Brit Leon Atkins heeft tenslotte toch niet gehaald voor de eindzege. Een late split door een valpartij in het peloton kostte hem 20”, een meervoud van het tijdsverschil dat hij in de tijdrit had bijeengeraasd zodat hij in het eindklassement terugviel naar de achtste plaats. Julius Birkedal, de topfavoriet, nam het voortouw over, gevolgd door zijn landgenoot Malthe Risbjerg. De Pool Maksymilian Matyasik werd de derde man op het eindpodium (foto Marc Van Hecke) waarop een Vlaming dus ontbrak, wat het internationaal karakter van deze topkoers onderstreept. 



Eerstejaars Sander Willems haalde de vierde plaats en (zoals Atkins vorig jaar) als beste jongere op het podium geroepen. Ook de Noor Sindre Orholm-Lønseth, de Pool Mikolaj Legiec en de Amerikaan Enzo (zoon van George) Hincapie klommen twee rangen omdat de Zwitser Antoine Salamin terugviel naar de vijftiende eindplaats. Toch denk ik dat Atkins niet ongelukkig Damme verliet. Hij weet dat hij tot ’s werelds beste tijdrijders van bouwjaar 2008 behoort en dat is een knipoog naar de medailles van de internationale kampioenschappen.

De 19de Guido Reybrouck Classic werd een gigantische voltreffer. Guido was monter aanwezig in het gezelschap van de inmiddels 85-jarige Martin Van den Bossche met de ook al bijna 81-jarige Willy Vekemans (winnaar van vooral de Omloop Het Volk 1967 en van Gent-Wevelgem 1969, dat jaar derde in Paris-Roubaix). 



Het weer was te mild om de koers te doen openspatten met een massasprint (foto Marc Van Hecke) als aangekondigde kroniek voor gevolg. Door een late valpartij sprintte slechts een gereduceerd peloton voor het podium. Daan Wilmsen, de tweede van Nokere Koerse die hier een week geleden uitvoerig belicht werd, haalde het daarin en werd ook de eindwinnaar van de rushes. Ik wist dat hij rap was maar niet dat hij zo rap is. Diens vroege voorjaar kan al niet meer stuk but we ain’t seen nothing yet. Benieuwd wat hij vrijdag voor mekaar krijgt van en naar Harelbeke, waar een massasprint in totaal andere omstandigheden quasi uitgesloten is, maar ook dat zal geen beletsel zijn voor de Olense allrounder om een spraakmakende uitslag te behalen.


En volk dat er was met het schitterende lenteweer als magneet maar anders zou de belangstelling ook op peil zijn geweest. De combinatie met de prelude voor nieuwelingen was ook een uitstekende zaak voor de horeca, die woensdag opnieuw kan scoren ter gelegenheid van de doortochten van de van en naar Brugge, pardon de … Ronde van Brugge. Wie zouden ze met dat laatste bedoelen?

 

zondag 22 maart 2026

Vorig jaar al negende en beste jongere

 

Brit Leon ATKINS wint minder 

out of the blue dan eerst gedacht

 

De Brit Leon Atkins heeft gisteren met relatief groot verschil de 11,4 km. van de Guido Reybrouck Classic gewonnen. De Deense topfavoriet Julius Birkedal (Team Grenke - Auto Eder) en de Zwitser Antoine Salamin (JEGG-Skil-DJR) waren de enigen die geen tien seconden prijsgaven. Vanaf de vierde waren het er dat zelfs vijftien en (veel) meer.


Leon Atkins editie 2026.

Hamvraag is of Atkins zijn leiderstrui vandaag kan behouden. Ik vrees van niet want zijn team Cams Majaco lijkt niet sterk genoeg maar dat dacht ik ook van Atkins zelf. Het staat bij voorbaat dat zijn stelling het felst zal bestookt worden door Team Grenke - Auto Eder dat behalve Birkedal nog vier vertegenwoordigers telt bij de eerste dertien en zij zullen deze namiddag aanvalslustig zijn net als JEGG-Skil-DJR, Soudal-Quick.Step, Cannibal B Victorious en Decathlon. Amper één Vlaming eindigde bij de eerste tien: eerstejaars Sander Willems, mooi zesde op 16”.


Leon Atkins editie 2025.

Toch is Atkins minder out of the blue dan eerst gedacht. Vorig jaar eindigde hij in de Reybrouck al achtste in de tijdrit die hij gisteren won, werd negende in het eindklassement en als als beste jongere op het podium geroepen. Tijdens het vervolg van het seizoen was hij om ongekende oorzaken niet meer spraakmakend tot de slotdag, wanneer hij knap zesde en beste eerstejaars werd in de Chrono des Nations (Fr.). Hij kwam toen uit voor Fensham Howes - Mas Design - Cams, geleid door de papa van Tom Pidcock. Dat Leon nu voor Cams rijdt is dus geen overstap maar een sponsorswissel. 

Sander Willems, beste eerstejaars.

Het werd een zonovergoten tijdrit van hoog niveau in de nabijheid van de Damse vaart. De eerste drie haalden een moyenne van om en bij de 51 en de eerste zestien (beduidend) meer dan 50 per uur. Er was een heel bangelijk moment toen de Zwitser Dennis Flückiger in de laatste kilometer uitschoof en pardoes in de gracht plofte. Hij kermde van de pijn, er was eventjes paniek maar eens bekomen van de schok krabbelde hij recht en spoedde zich richting aankomst en werd 126ste en hield nog twintig anderen achter zich.Vraag is of hij dat op adrenaline realiseerde en of er na afloop geen breik(en) werden vastgesteld want het was een smak van jewelste.


zaterdag 21 maart 2026

In 2024 eindwinnaar der Guido Reybrouck Classic en gisteren 2de in Youngster Coast Challenge

Louis CHALEIL dan toch géén vluchtige passant maar wel een zoveelste referentie?

 

Louis Chaleil hield in de Guido Reybrouck Classic 2024 dankzij een betere tijdrit zeven seconden over op Aldo Taillieu, die in de zondagrit tevergeefs alles op alles zette om de Fransman alsnog van zijn sokkel te stoten. Het was een gunstig voorteken van de Fransman, die zes maanden later op dezelfde concept de Keizer in Koksijde won, niettegenstaande hij in de tijdrit van Wulpen door de Deen Carl Emil Just Pedersen (-4”) geklopt werd.


Louis Chaleil als winnaar van de tijdrit der Guido Reybrouck Classic.

Louis gedijt op Vlaamse grond, mocht je dan al zeggen. Tussendoor reed hij een onderhoudend seizoen dat hij afsloot met een elfde plaats op het WK tijdrijden en een vierde in de Chrono des Nations. Zijn debuut bij de beloften liep niet van een leien dakje, een derde plaats in de Frans kampioenschap tijdrijden was zijn enige noemenswaardig resultaat.


Eliot Boulet wist dat hij Louis Chaleil moest volgens om in Koksijde de Youngster Coast Challenge te winnen.

Die unieke podiumplaats heeft hij (Groupama) gisteren al verbeterd in de Youngster Coast Challenge te Koksijde, in een sprint met elf moest hij enkel voor zijn een half jaar jongere landgenoot Eliott Boulet (Decathlon) wijken. Die had een maand eerder al twee dagzeges behaald in de Plages Vendéénnes. Als junior was hij, qua uitslagen, de duidelijk de mindere van Chaleil. Toch werd Boulet opmerkelijk in 2024 tweede in het Frans kampioenschap tijdrijden met slechts drie seconden meer dan Paul Seixas. In 2025 viel Boulet terug naar de vijfde plaats met rum driekwart minuut meer dan Arthur Blaise. Ook Chaleil (-37”) deed in La Tour-du-Pin aanzienlijk beter.

Eliott Boulet en Louis Chaleil zijn, voorlopig in de schaduw van Paul Seixas, de zoveelste veelbelovende youngsters du cyclisme français, van wie er nogal wat na een tijdje niet meer beter worden.


Eddy MERCKX wist er 7x raad mee ...

 

MILANO-SANREMO

de gemakkelijkste om te rijden

de moeilijkste om te winnen

 

Milano-Sanremo zou voor Eddy Merckx de moeilijkste klassieker zijn om te winnen want hij zou op de via Roma keer op keer door snellere concurrenten overruled worden. Dat heb ik, zoals niet weinig anderen, zestig jaar geleden abusievelijk gedacht. De Primavera werd zowaar de grote koers die hij het vaakst won. 

Eddy liet er van meet af aan geen twijfel over bestaan: zijn eerste twee deelnames (in 1966 en 1967) zette hij in klinkende overwinningen om. 

Eddy ging bij zijn eerste deelname op 19 maart 1966, drie maanden vòòr zijn 22ste verjaardag, van vrij vèr aan. Van vrij vèr, was letterlijk te nemen = op 100 km. van de finish toen hij met ruime groep achtervolgers de vroege vluchter Guido Carlesi opraapte en dat gezelschap tot 15 eenheden uitdunde onder wie Lucien Aimar (die vier maanden later de Tour zou winnen), Franco Balmamion (winnaar van de Giro 1962 en 1963), Michele Dancelli (die zes weken later La Flèche Wallonne zou winnen en in 1970 de Italiaanse ban in Sanremo zou breken), Roberto Poggiali (winnaar van La Flèche Wallonne 1965, waarin Merckx zijn profdebuut maakte), Raymond Poulidor (de winnaar van 1961), Herman Vanspringel, … Eddy lokte ze allemaal mee in een eerste groot offensief. Zoals hij vijf jaar eerder Rik Van Looy lapte, zo probeerde Poulidor zich ook voor Eddy Merckx uit de voeten te maken maar tevergeefs. In een langgerekte krachtspurt haalde Eddy het nipt van het duo Durante-Dancelli, waartussen Vanspringel zich wurmde voor een precieus plekje op het 57ste podium van de Primavera

Ook in 1967 koos Merckx voluit voor het offensief, dit keer vanaf de Capo Berta (op 50 km. van de finish) met Gianni Motta als enige compagnon de route. Het goed samenwerkende duo werd toch nog in de laatste kilometer achterhaald door Franco Bitossi en Felice Gimondi. Eddy moest vooral de intrinsiek snellere Franco vrezen maar na een koers van bijna 300 km. aan de recordsnelheid van 45 km./u. waren de restérende krachten bepalend.

Merckx won de eerste twee keer op atypische wijze.

Van dan af werd Eddy efficiënter door als puncher de slaagkansen van de sprinters te anticiperen, waarbij zijn behendigheid en zijn durf, met dank aan zijn opleiding als pistier, hem aardig van pas kwamen om de geslagen kloof op de Poggio in de afzink te consolideren of zelfs uit te bouwen. Op de duur was het verbazender als Eddy niet won dan wanneer wel.

 

Roger De Vlaeminck, volgens mij (ook qua palmares) de beste ééndagscoureur na Merckx, benaderde Eddy in Sanremo het dichtst. 

 

Rik Van Looy hield Miguel Poblet in 1958 van een loepzuivere hattrick. In 1954 had Rik Van Steenbergen in een massaspurt gewonnen.

 

Het laatste wat je mag doen is Milano-Sanremo laagdunkend tot een vluchtklassieker decimeren. La Primavera werd nooit gewonnen door Vlaamse vluggerds als Walter Godefroot, Freddy Maertens, Eddy-Jo-Walter-Willy Planckaert, Guido Reybrouck, Ward Sels, Patrick Sercu, Rik Van Linden, Willy Vannitsen, Frans Verbeeck, ….. ook Dylan Groenewegen niet. 


Dylan Groenewegen, die gisteren in de Bredene Koksijde Classic zijn 85ste overwinning als contractrenner behaalde, is er vandaag in La Primavera niet bij. Zijn team Unibet Rose Rockets werd niet geselecteerd. Dylan heeft ook geen 'match' met Sanremo, waaraan hij slechts één keer deelnam en 78ste werd in 2019.

Zij haalden niet eens het podium zoals Tom Boonen, Eric Leman, Johan Museeuw, Leon Van Daele, Eric Vanderaerden, ….. wel deden.

 

Ook merkwaardig dat vier winnaars geboren werden op 18 maart daags vòòr de geijkte datum (Sint-Jozefsdag) van Milano-Sanremo: Costante Girardengo in 1898, Miguel Poblet in 1928, Rudi Altig in 1937 en Fabian Cancellara in 1981. 

 

Gemiste bijdragen die u graag had gelezen 


Indien u bepaalde bijdragen zou gemist hebben en u wenst die alsnog door te nemen dan kun je die opvragen door de naam of het begrip in te tikken in het 
rechthoekje in de linkerbovenhoek.

Zo is er bijvoorbeeld de Inventaris 2025 van het nationale tienerwielrennen (junioren, nieuwelingen, aspiranten), waarvan je de vijf  PDF’s kunt opvragen en openen.


donderdag 19 maart 2026

GP Jean-Pierre Monseré in Roeselare, 

de eerste interclub van de nieuwelingen 

 

Lex LAMBRECHT en Lars VILLERS, 

de keizers van de aspiranten, voor het eerst met oudere klasgenoten onder wie 

Boes, Dekkers, Heuninck, Jammaer, …

 


Zondag zijn de tieners van de bouwjaren 2010 en 2011 met hun Grote Prijs Jean-Pierre Monseré aan de eerste binnenlandse interclub toe. Aangezien het geen manche voor de Beker van België is mogen de 24 clubs vijf in plaats van vier renners inzetten.

De meeste (navenant hun uitslagen) beteren zijn op de afspraak en dan heb ik het vooral over onder anderen over Miel Heuninck (Onder Ons Parike), die vooral te maken krijgt Lex Lambrecht (Avia-Rudyco) en Lars Villers (Crabbé-Dstny), de keizers van de aspiranten. Beiden namen al deel aan de GP Mont-Noir en haalden de top tien in een karikatuur van een uitslag, want gedubbelde renners werden erin opgenomen. Ik vrees dat er in maart 2027 veel zullen wegblijven uit Saint Jans Cappel.

Vorig jaar werd de Monseré in Roeselare gewonnen door Moos Mevissen (Nederlander van Isorex) vòòr Jules Vydt en Miel Heuninck, die zijn podiumplaats verdedigt en navenant zijn klinkende zege in Sint-Maria-Lierde (100 starters) wel eens zou kunnen hernieuwen op de hoogste trede. Ook Finn Boes (vorig jaar vijfde) is er, net als Kenzo Vandenabeele (tiende). Er is ook Jens Dekkers (kampioen van Nederland) die Acrog-Tormans aanvoert.

Van hen wordt dat tikkeltje meer verwacht maar ze krijgen te maken met onder anderen Lex Lambrecht (Avia-Rudyco) en Lars Villers (Crabbé-Dstny), de keizers van de aspiranten van het bouwjaar 2010 dat nog meer potentieel talent zijn opwachting laat maken zondagnamiddag in Roeselare: Dayon Breemeersch, Senne Cami, Sebastien Deprée, Tristan Geerardyn, Lucaz Raeymaekers, Simon Ververken, …


Lars Villers in het spoor van Stan Jammaer: podiumkandidaten in de GP Jean-Pierre Monseré in Roeselare. (foto Myla Van Gossum)

Last but very not least is er ook Stan Jammaer, die in 2025 de ideale ploegmaat die kennelijk bijna even graag een kompaan ziet winnen als zichzelf. In de pittige heuvelkoers van Sint-Maria-Lierde verdedigde hij zijn titel maar moest het, zelfs met de nabije Mathiz Tielens in steun, afleggen tegen Miel Heuninck. Youngster Lars Villers werd in hun spoor vierde. Lex Lambrecht moest met maagproblemen afstappen.  

 

Wie zich verongelijkt voelt wegens niet vermelding (onder anderen Xander Buelens, Tibo Bylois, Robin Dooms, Basiel Loose, Trent Meuws, Mathis Praet, Jelle Vanhove) mag mij altijd verrassen, ik zal dat goedmaken als het bij deze al niet is gebeurd.