vrijdag 30 januari 2026

 Jannes OPSTAELE: een gigantisch verschil met een jaar geleden 

De piepjonge veldloper van Atletiekclub Deinze is via een extreem lange omweg een veelbelovende renner geworden. Het is letterlijk te nemen want de koerskoorts kreeg hem zowaar te pakken in het Midden-Oosten, meer bepaald in Doha waar zijn papa projectleider was voor Basic en ze samen Tom Boonen en anderen succesvol zagen gloriëren. Die beelden hebben Jannes nooit meer losgelaten en inspireerden tot navolging. Op korte tijd heeft Jannes zich een soepel traject geplaveid tussen het ruwe asfalt en de houten piste. Wie dat halfweg 2024 voorspeld had, zou meewarig zijn nagekeken. 

Jannes was in 2024 op de weg slechts een grijze mus geweest: na een vroege overwinning in Torhout was het bijna vijf maanden wachten op de volgende podiumplaats (derde in Ingooigem) verbonden door een achttal top tienen. Niet kwaad voor een eerstejaars maar al evenmin om mee uit te pakken.


2025 lag aanvankelijk in dezelfde lijn maar mocht er vanaf mei best wezen: een recital van dichte ereplaatsen met een podium in het PK en in de Katjeskoers, opgelijst met een eclatante Tour de Himmelfart (Den.).
Zijn bescheiden over-winning in Lovendegem (amper 26dln.) stond er als een voetnoot tussen.

Toch keken zelfs de insiders verbaasd op toen ze Jannes in Dikkebus (manche Topcompetitie) op een democratische fiets met ruime voorsprong aan de slotronde zagen beginnen en against all odds standhouden. 

Jannes was meer dan een beetje opgenaaid naar de Westhoek afgereisd. Zowel in Herbeumont (gebroken spaken) als in Escanaffles (opgehouden door twee valpartijen) bleef hij verstoken van hulp uit de neutrale wagen en van het happy end dat hem na een sterke koers toekwam. Dergelijk oponthoud overkwam hem ook in Dikkebus maar daar kon hij het rechtzetten en zijn lot in eigen handen nemen nadat tien vroege vluchters teruggepakt werden. Jannes voelde zich sterk genoeg om het er in zijn eentje op te wagen. Aanvankelijk met weinig boni omdat hij nog de flank van de Scherpenberg en een brede weg met tegenwind moest trotseren maar door weifelende achtervolgers en afstoppende maats reed hij plots een volle minuut voor de anderen uit en triomfeerde.

 

Jannes’ trein was vertrokken.Het bleef niet bij die ene voltreffer.Ook Jemeppe zette hij naar zijn pedalen en op de slotdag eveneens de Affligem Classic met een krachtsprint nog wel op de hellende aankomst.

 

Eén en ander belandde niet uitsluitend in blindemansogen maar ook in de klare kijkersvan Francis Van Mechelen, die zich repte om de Drongenaar in de rangen van Cannibal B Victorious te sluiten.Het was een aangekondigde kroniek omdat Jannes plots met een kostbare Merida-fiets opdook.

Zijn toegang tot de Topsportschool (richting natuurwetenschappen) in Gent vanaf september 2024 bracht met zich dat de piste een opgelegd ‘vak’ werd. Een noblesse oblige die hem (hij werd meteen vijfde in de algemene ranking winter 2024-205) geen windeieren legde maar die behalve het dienen van zijn behendigheid ook zijn explosiviteit aanzwengelde en dat zeker na een slopende koers. Als neo-junior zal hem dat nog meer van pas komen, zelfs in de mooiste koersen als Kuurne en Nokere indien hij ervoor geselecteerd wordt uit het gezelschap van veertien nationaliteiten. Een top 20 in die prille topkoersen zou hem al genoegen doen.

Jannes ziet de lente 2026 onbevangen tegemoet. De wintermaanden genereerden een optimale mindset: zevende in het omnium, derde in de beminde scratch en de beste afvalling, zesde in de achtervolging en op de kilometer. Een mooi ensemble waarop een piek ontbrak maar dat bleef niet zo. Zijn papa had hem abusievelijk ingeschreven voor de keirin, waar hij van af wilde maar de jury was onverbiddelijk: meedoen of ook geen puntenkoers, zijn favoriete discipline. Jannes maakte van de nood een deugd en zette zijn beste beentje voor. En zie hoe die instelling hem naar de onverhoopte hoogste onderscheiding voerde, weliswaar ten koste van de aansluitende puntenkoers waarvoor de benen choco waren. Het kon de algemene tevredenheid over zijn passages aan de Blaarmeersen en in Zolder niet temperen. Kristof Debaets is apetrots op zijn leergierige poulain. 

Er is zeker een klik met het baanwielrennen dat hem fascineert omwille van de snelheid gekoppeld aan tactisch inzicht. Ook het spectaculaire element triggert hem en om het op zijn Gents in te kleuren: hij vindt het geweldig wijs. Toch ziet hij zichzelf, en gelukkig maar, niet als een gesolliciteerde pistier. De baan is geen doel an sich maar een middel om onderlegder te worden: de koers lezen, explosiever zijn, omgaan met druk. Vaardigheden die hem ook dienstig kunnen zijn op brede, hobbelige en hobbelige wegen, zijn initiële bestemming als coureur.

1 opmerking: