zaterdag 14 februari 2026

 Avia-Rudyco       

de club met het geringste verloop 

kon niet eeuwig achterblijven 

inzake versterkende transfers

 

Op mijn bijdrage over de troepenshow van Avia-Rudyco is nogal wat reactie gekomen. Met de club met het geringste verloop bedoelde ik eigenlijk dat er weinig renners uit onvrede of voor lotsverbeteing deze club verlaten. Daartegenover stond dat er ook een beperkt aantal nieuwkomers uit andere clubs waren.

Verschillende mensen wezen er mij op dat het in 2025-2026 helemaal anders kwam te liggen. En inderdaad, er kwamen behoorlijk wat spraakmakende overgangen bij.


Thorben VAN DE KEER, één van de jongste nieuwkomers bij Avia-Rudyco.

Zelfs bij de aspiranten ging men shoppen en dat leidde tot de komst van onder anderen BK en EK veldrijden Seppe Ley (WAC Team), Thorben Van de Keer (AS Construct – Castaar), Yanis Zaarouri (VC 't Meetjesland Eeklo), …

 

De op zich al sterke nieuwelingenkern (Brent Biesbroeck, Lex Lambrecht, Tibo Redant, Adamou Van Bossche, …) werd opgelijst met onder anderen Thor Van Bulck (Antwerp CT Kontich), Thomas Van Dijk, (Isorex CT) …  

 

De junioren zijn opnieuw  het vlaggenschip met aan boord vooral Senne Bradi, Giel De Nul, Ian Kimpe, Warre Lambrecht, Robbe Maesschalck, Jonne Meert, Siebe Oliviers, Finn Tanghe, Daan Van Raemdonck, Kobe Vervaet, … 

Mauro Dierickx (DLS Invigo), Seppe Loquet (Van Moer CT), Emiel Osaer, (JEGG - DJR Academy), Tuur Vandevelde (Wieler-team Waregem) … werden erbij gehaald om te kunnen roteren binnen het druk binnen- en buitenlands programma. 

Dat de implementatie van de samenwerking met Soudal - Quick.Step-AG Pro CT wordt voortgezet, wordt met lede ogen aanzien door sommige clubleiders die ook in de competitie een voorbedachte entente vrezen maar ik zou zeggen: dan kennen ze Johan Molly niet die zoiets nooit zou toestaan.

Avia-Rudyco is overigens lang niet de enige club die zich aan expansiedrang bezondigt. Vooral Acrog-Tormans, Dakwerken Crabbé - Dstny, Isorex, … zijn daar al langer en uitvoeriger mee bezig. En het is, hoe weinig stichtend ook, hun goede recht, al hypothekeert het vanzelfsprekend de motivatie van de minder vermogende clubs

Het wielerlandschap is het jongste decennium grondig veranderd.


Ook de ouders die gretig op die ‘gouden’ kar springen moeten we begrijpen. Het is niet elke vader en/of moeder gegeven om voor hun telg(en) één of meer kostbare fietsen en andere zware onkosten uit eigen budget op te hoesten. En kan men zijn kind beter aanlokkelijke kansen zomaar ontzeggen? Wat als die jaren later te horen krijgen: pa, het is jouw schuld dat ik als coureur niet ben doorgebroken, zelfs als dat niet zo is. De expansiedrang van de happy few is niet zaligmakend maar voor wie er in gedijt is het de ideale weg naar de beroepscategorie, al zijn er ook nog steeds die zich langs een traditioneel traject waarmaken.


De nieuwe realiteit heeft natuurlijk ook gevolgen voor het deelnemersveld dat een hogere drempel heeft. Normaal toch dat wat betreft de junioreskoersen 2.1 en 1.1 de beste clubs prioriteit genieten op de minder gestoffeerde.

Voor de betere renners van de minder vermogende clubs zou men kunnen overgaan tot clustervorming, een selectie Vlaanderen of een provincial selectie zoals in de Guido Reybrouck Classic.

 

Ik ben een rabiaat voorstander van het (voort)bestaan van meer bescheiden clubs, waarvan sommige er misschien goed zouden aan doen hun werking volledig te focussen op u17 en u15. 

Meer koersen organiseren onder de noemer Topcompetitie (ook voor junioren!) die men beter Interprovincie zou heten.

 

Tenslotte erger ik mij dood aan het feit dat er al van bij de aspiranten afgestopt wordt om een kompaan aan de overwinning te helpen. Aan de clubleiders om die jonge tieners aan te manen mekaar bekampen om beter te worden: bumperen in plaats van pamperen.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten